De binocle

Van jonge mensen, de dingen, die nog komen gaan…

Een heuse rel rond Couperus, wie had dat anno nu nog verwacht? Aanleiding is het initiatief van neerlandica Michelle van Dijk om Van oude menschen, de dingen, die voorbij gaan te hertalen, om zo Couperus’ beroemde roman weer toegankelijk te maken voor jonge lezers. En dat is hoognodig volgens haar, want zijn proza is ‘veel te bloemrijk voor deze moderne tijd, met zijn herhalingen, de neologismen, de gallicismen, de puntjes… de uitroeptekens!! Maar dat wat nog het meest afwijkt van onze taal nu, is de zinsvolgorde (-lengte ook, ja). En geloof me, dat is dus iets waar een jonge lezer over struikelt’. 

Eerst even iets over het misverstand dat Couperus’ taalgebruik en stijl mettertijd zouden zijn ‘verouderd’. De waarheid is dat Couperus’ manier van schrijven al ouderwets en ingewikkeld werd bevonden voordat zijn paarse inkt goed en wel was opgedroogd. En niet alleen door scholieren. Lees een willekeurige recensie van zijn werk uit die tijd, en je stuit steeds weer op dezelfde bezwaren: ‘de gemaaktheid van stijl en woordenkeus’, ‘het kwistig gebruik van Fransche uitdrukkingen’, ‘opzettelijke gekunsteldheid’, ‘verwrongen zinsconstructies’, enzovoort. Wat dat aangaat had Van Dijk honderd jaar geleden al aan de slag gekund. 

Ze was trouwens al een tijdje bezig – het work in progress is te volgen op haar website –, maar het gekrakeel barstte pas echt los nadat Van Dijk had aangekondigd dat haar hertaling ook daadwerkelijk als boek zou verschijnen. ‘Heiligschennis,’ brieste de één, ‘alsof de Sixtijnse kapel wordt beschilderd door Dick Bruna,’ spotte de ander. Couperus trending topic op Twitter: het moet niet gekker worden. 

Anderen, onder wie Tzum-redacteur Coen van Peppelenbos, sprongen voor Van Dijk in de bres: 

‘Misschien groeien die lezers uit tot echte lezers die als volwassene in vervoering kunnen raken van een mooi geformuleerde zin, een goed gekozen woord of een fijn gekozen perspectief. Maar zullen we het eerst eens over het verhaal gaan hebben?’

Nou graag, want ik vroeg me namelijk af waarom Van Dijk nu uitgerekend een van Couperus’ meest toegankelijke romans heeft gekozen voor haar omstreden exercitie. Tenminste, toegankelijk wat betreft stijl en taalgebruik; nu eens een keer geen eindeloos meanderende zinnen, maar vlotte dialogen; geen kunstig gejongleer met geparfumeerde woorden in een malle volgorde, maar betrekkelijk sober normale-mensen-proza. Natuurlijk, het is en blijft onmiskenbaar Couperus, maar hij sneed hier zijn pen kundig en bescheiden naar de aard van zijn onderwerp. 

Zou de taal van Couperus nu echt de belangrijkste reden zijn waarom de bakvissen en knapen van nu de roman niet lusten? Af en toe een gek Frans woordje, soit – lang leve de verklarende woordenlijst. Een grotere horde lijkt me nu juist het verhaal. Ik bedoel maar: een stel stokoude mensen wacht gelaten op de bevrijdende dood, die het Spook van het Verleden voorgoed zal verjagen… Nu ben ik geen expert in de ‘belevingswereld’ van de leerplichtige jeugd, maar ik kan me goed voorstellen dat het volksdeel dat normaal gesproken veel meer toekomst dan verleden heeft zich niet erg aangesproken voelt door deze geriatrische tragiek. Je kunt wel hertalen tot het boek een ons weegt, bepaald sexy wordt het er niet van. 

Als je nou tóch aan het hertalen slaat, zo vraag ik me af, is er in Couperus’ oeuvre nou geen betere rattenvanger van Hamelen te vinden? 

Ik dacht meteen aan De komedianten: een met vrolijke vaart geschreven, onvervalste avonturenroman over een rondreizend groepje acteurs dat rond 96 na Christus neerstrijkt in het Rome van keizer Domitianus om daar zijn kunsten te vertonen. Even behendig als lichtvoetig tovert Couperus een sprankelende wereld uit zijn pen die je nooit meer wilt verlaten. Waar in Van oude menschen de dood als een loodzware deken over de bladzijden hangt, daar knispert het in De komedianten van frisse levenslust. Een groter contrast dan tussen deze twee romans is er niet, maar beide: vintage Couperus. 

Als de voorstanders voor hertaling betogen: laat scholieren nu eerst maar eens kennisnemen van het verhaal, dan komt de waardering voor de stijl later wel, dan stel ik: ga eerst maar eens op al dan niet hertaald avontuur met Cecilius en Cecilianus. Die oude mens(ch)en wachten wel. Eerst het leven, dan de dood. 

Facebooktwittergoogle_plusFacebooktwittergoogle_plus

Reacties

Eén reactie op “Van jonge mensen, de dingen, die nog komen gaan…”

  1. Stokoude menschen die wachten op bevrijdende dood, maar wel laten zien dat ze een
    passievol verleden hebben gehad, met zelfs een crime passionel erbij. Lijkt mij juist goed voor de jeugd, het leert hun met een heel andere blik naar een hoogbejaarde heer en dame kijken: oei, er is een verleden en misschien zelfs wel een mooi verhaal. En het zijn niet alleen stokoude mensen die in deze roman voorkomen natuurlijk, de aarzelende Lot en de tante met de vogeltjes, het leeft allemaal. En gaat het dan altijd om het verhaal? Het is juist de vorm, net als een mooie wandeling niet zozeer om het doel gaat, maar juist wat je allemaal onderweg tegenkomt. Vooral niet het voortreffelijke De komedianten hertalen, of bijvoorbeeld Antiek Toerisme, met die aankomst in Alexandrie, wat doe je dan met de theeroostedere dageraad? Gewoon laten als het is en dan moet dan maar. De jeugd leest wel Murakami, daar kom ik dan weer niet doorheen, ga ik toch ook niet om een hertaling vragen.

    (Wat mij betreft mogen ze wel het vreselijke Berg van Licht hertalen, of zelfs alleen maar samenvatten, dan hou je niet veel over: relnicht wordt keizer, maakt er een Trumpiaanse puinhoop van en eindigt in de Tiber. Of zoiets.)

    Geplaatst door Evert Lamfers | 13 februari 2019, 09:38

Plaats een reactie

Foto van de dag

Huldiging Kleykamp

Intussen op Twitter