In het Louis Couperus Museum loopt tot 27 mei 2012 de tentoonstelling ‘Van morbide miasma’s tot omkomen in pracht, beelden van dood en sterven bij Louis Couperus’. In combinatie met een bezoek aan de tentoonstelling bestaat de mogelijkheid voor groepen om een wandeling te maken over de Algemene Begraafplaats aan de Kerkhoflaan in Den Haag, onder leiding van Frans van der Linden, medewerker van het museum.
Adriaan van Dis houdt van wandelen, ‘kolossaal wandelen’, in zijn stad Parijs, liefst in de voetsporen van beroemde schrijvers. Zo volgt hij op een namiddag Couperus, de held van zijn jeugd, die hier in de noodlottigste periode van zijn leven verbleef. Hoe kan hij dichter bij die ‘geniale zeurpiet’ komen? Wellicht zittend op een bankje in de Tuilerieën, met nieuwe lila sokken aan?
Voor zijn roman Iskander (1920) baseerde Couperus zich op historische bronnen. De roman beschrijft de veroveringstocht van Alexander de Grote naar Perzië en India. Maar Iskander is geen droge, dorre opsomming van feiten. De geschiedenis van de veldheer uit Macedonië wordt ingebed in de levensvisie die de auteur zijn publiek wil voorhouden. Het streven naar wereldmacht blijkt een noodlottige illusie.
Rond 1900 dient zich een nieuwe richting aan in de Nederlandse literatuur. Het naturalisme van Zola heeft inmiddels school gemaakt, maar schrijvers als Van Eeden, Van Deyssel en Henriette Roland Holst slaan andere paden in, op zoek naar een onzichtbare, hogere werkelijkheid. Critici uit die tijd spreken over een nieuw-mystieke mode in de literatuur. Ook Couperus werd door deze nieuwe richting beïnvloed. Vooral Maurice Maeterlinck heeft zijn sporen nagelaten in het werk van de auteur.
Jarenlang vroeg de redactie van Arabesken aan verschillende auteurs om zijn of haar favoriete fragment van Louis Couperus toe te lichten. Spitsafbijter was Couperus-specialist Piet Kralt, die koos voor de eerste bladzijden van De komedianten (1917), een historische roman die zich afspeelt in het Rome van de eerste eeuw na Christus, onder het regime van de grimmige keizer Domitianus. ‘Het was alsof ik in die Romeinse straat liep en de gutsende regen me doorweekte. En voor eens en voor al was ik in de ban van deze grandioze stilist.’
Het Louis Couperus Genootschap werd in 1993 opgericht om liefhebbers van het werk van
Louis Couperus (1863-1923) bijeen te brengen en wetenschappelijk onderzoek naar het leven en het oeuvre van de auteur te stimuleren. Het Genootschap organiseert elk jaar lezingen, voorstellingen en andere activiteiten, waarbij het leven en werk van Couperus centraal staan. U steunt het Genootschap, dat niet wordt gesubsidieerd, voor slechts 1,85 euro per maand!
Lees verder >>